Verslag van theoretisch onderzoek

Theoretisch onderzoek is gebaseerd op literatuuronderzoek. In de opleiding BMW wordt er onderscheid gemaakt tussen een literatuurstudie (inclusief scriptie) en een review. Een literatuurstudie is een bespreking van meerdere artikelen, waarbij een onderzoeksvraag centraal staat. De gebruikte literatuur in een literatuurstudie dient aan te sluiten bij de onderzoeksvraag. Het combineren van verschillende onderzoeksartikelen kan leiden tot nieuwe inzichten en theorieën om de onderzoeksvraag te beantwoorden. 

In een review is er geen concrete onderzoeksvraag (de onderzoeksvraag luidt dan bijvoorbeeld: wat is er bekend over onderwerp X?), want hier geef je een overzicht van alle informatie over een bepaald onderwerp. De (relevantie van de) literatuur wordt in dit geval geselecteerd naar eigen inzicht van de schrijver. Ook hier kan het combineren van verschillende onderzoeksartikelen leiden tot nieuwe inzichten en theorieën, maar deze hypothesen worden in principe opengelaten en moeten later met behulp van theoretisch of praktisch vervolgonderzoek worden bevestigd of ontkracht.

Een literatuurstudie of review schrijf je, net als bij een wetenschappelijk artikel, om collega’s (over de hele wereld) te informeren over jouw onderzoek en de daarbij horende interpretaties en conclusies. Het schrijven hiervan is een goede oefening om de literatuur te leren kennen over een specifiek onderwerp. Beide zijn zakelijkkort en bondig (waar mogelijk). Het afbakenen van je onderwerp is daarom van groot belang.

Een theoretisch verslag kan kort of lang (dit is niet hetzelfde als langdradig) zijn, waarbij een scriptie een zeer uitgebreid verslag is. De tekst van een theoretisch verslag kan niet op dezelfde manier worden ingedeeld als die van een practicumverslag. De enige onderdelen die blijven terugkomen zijn een inleiding en een discussie (al hoeven die niet meer zo genoemd te worden), en een literatuurlijst. Tussen de inleiding en de discussie bevindt zich het middendeel, waarin de verschillende deelvragen of onderwerpen worden behandeld. De gebruikelijke indeling is als volgt: 

 Literatuurstudie

 Scriptie

 Review

  • Titel(pagina)

     
  • Samenvatting
  • Inleiding
  • Middendeel
  • Discussie & conclusie
  • Literatuurlijst
  • Titelpagina
  • Voorwoord
  • Inhoudsopgave
  • Samenvatting
  • Inleiding
  • Middendeel
  • Discussie & conclusie
  • Literatuurlijst
  • Titel

     
  • Abstract
  • Inleiding
  • Middendeel
  • Discussie & conclusie
  • Literatuurlijst

De structuur van de inleiding, het middendeel en de discussie en de conclusie kent een zandloperstructuur (zie figuur 4). Deze structuur helpt je om de elementen in je tekst op een logische volgorde te benoemen.

Figuur 4: De zandloperstructuur in een verslag van een literatuuronderzoek. In de inleiding wordt van groot naar klein geschreven, de discussie is omgekeerd van klein naar groot. Let op de volgorde waarin elementen worden genoemd. Als deze volgorde wordt aangehouden, vergroot dat de logica en leesbaarheid van je tekst.

 

Titel(pagina)

Een goede titel van een literatuurstudie is compact en duidelijk. De beste titel is de kortst mogelijke zin die je kunt bedenken die de inhoud van het verslag dekt. Op het titelblad van een verslag noteer je puntsgewijs:

  • je voor- en achternaam;
  • de voor- en achternamen van je begeleiders;
  • de projectgroep, vakgroep en instelling (universiteit of bedrijf) waar je het onderzoek hebt uitgevoerd 
  • de datum waarop je het verslag inlevert. 

Een review kent geen titelblad, maar uiteraard wel een pakkende titel, welke ook de lading van het artikel moet dekken en de lezer stimuleert het artikel te willen lezen. Ook de namen en werkgevers van alle auteurs worden gemeld. 

Voorwoord

Hier vertel je waar (projectgroep, vakgroep, instelling) en wanneer je de scriptie hebt geschreven en kun je de begeleiders bedanken voor hun hulp.

Inhoudsopgave

Zorg voor een duidelijke en gestructureerde inhoudsopgave van je verslag zodat de lezer snel zijn weg kan vinden. Digitaal zijn de onderdelen van de inhoudsopgave aanklikbaar.

Samenvatting/abstract

Een samenvatting is een op zichzelf staand stuk tekst waarin het hele verslag kort weergeven is. Een goede samenvatting nodigt uit tot het lezen van je verslag en geeft de lezer direct een goede indruk van je belangrijkste bevindingen. Een samenvatting kent ook de zogenaamde IMRD-achtige structuur, meestal verdeeld over drie paragrafen: inleiding, bevindingen uit het middendeel en conclusie. In een wetenschappelijk (review)artikel noemen we deze samenvatting een abstract.

Inleiding

Iedere inleiding begint vanuit een brede context en een maatschappelijke relevantie. Om de brede context uit te leggen is het belangrijk ook definities en concepten uit te leggen die nodig zijn om de inhoud van een verslag te begrijpen. Vanuit eerdere bevindingen wordt de wetenschappelijke relevantie en een probleem beschreven welke leiden tot de centrale onderzoeksvraag (zie figuur 4 hierboven). De centrale onderzoeksvraag vormt de rode draad voor de rest van het verslag. Zonder een duidelijke vraagstelling is het moeilijk om tot een eindconclusie te komen. De onderzoeksvraag kan geformuleerd worden als een echte vraag, maar gebruikelijker is het om deze in een lopende zin te verwerken. De centrale vraag wordt geformuleerd in de tegenwoordige tijd.
Na de formulering van je onderzoeksvraag is er ruimte om je hypothesen te onderbouwen. De inleiding eindigt met een inhoudelijk overzicht van de opbouw van het middendeel van het verslag zodat de lezer een beeld krijgt hoe het verslag er verder uit zal zien. Er wordt aangegeven hoe de vraagstelling beantwoord wordt. Dit laatste onderdeel is inhoudelijk. Het is dus niet de bedoeling dat je aangeeft dat er na het middendeel ook nog een conclusie en discussie komt. 

Middendeel

In een sterke literatuurstudie/review worden niet alleen andermans evaluaties genoemd, maar worden deze onderzoeksresultaten ook kritisch geëvalueerd door jouzelf. Om de tekst van een scriptie leesbaar te houden moet deze wel worden gestructureerd. Bij korte scripties kan de tekst worden ingedeeld in alinea’s. Langere scripties kunnen eerst worden onderverdeeld in paragrafen die op hun beurt weer worden verdeeld in alinea’s. De indeling van de scriptie moet in grote lijnen de logica van het verhaal volgen. Er zijn, afhankelijk van het onderwerp en de vraagstelling, allerlei indelingsprincipes mogelijk. Hierbij geldt dat de eenvoudigste indeling meestal de meest overzichtelijke is: 

  • Thematische indeling (zie hieronder)
  • Indeling van algemeen naar detail (of omgekeerd): bijvoorbeeld van cel naar weefsel naar individu.
  • Indeling in voor- en tegenstanders, of in voor- en nadelen 
  • Indeling van gunstig naar minder gunstig. 
  • Indeling van belangrijk naar minder belangrijk

Thematische indeling

De meest voorkomende indeling is thematisch, waarbij de tekst is verdeeld in stukken die een bepaald deelonderwerp of een deelvraag behandelen. Iedere paragraaf geeft antwoord op een deelvraag en alle deelvragen samen beantwoorden de centrale onderzoeksvraag zoals beschreven in de inleiding. De titel van iedere paragraaf geeft iets weer over het deelonderwerp. Een alinea begint vervolgens met een inleidende zin waarin voor de lezer duidelijk wordt wat er in de paragraaf beschreven wordt of er wordt een overgang tussen de voorafgaande paragraaf en de huidige paragraaf gemaakt. De inleidende zin wordt gevolgd door de beschrijving van de deelvraag (geformuleerd als lopende tekst, niet als vraag). De experimenten in de literatuur die de deelvraag beantwoorden worden vervolgens verder uitgelicht. De onderzoeksopzet van deze experimenten moet kort en bondig zijn. In tegenstelling tot een praktisch verslag hoeft de lezer het experiment niet te kunnen herhalen. Laat details dus weg. Een veelgemaakte fout is dat iedere paragraaf een ander experiment beschrijft en dat de lezer zelf de samenhang moet bepalen. De integratie van resultaten van verschillende onderzoeken (overeenstemmend of tegenstrijdig) per deelvraag en uiteindelijk van alle deelvragen is zeer belangrijk en bevordert de leesbaarheid het theoretische verslag. Elke paragraaf wordt afgesloten met een deelconclusie.

Discussie en conclusie

In de discussie van een theoretisch verslag schrijf je van klein naar groot en begin je met de samenvatting van de verschillende deelconclusies om uiteindelijke de centrale onderzoeksvraag te beantwoorden met een samenvattende algehele conclusie (zie figuur 4 hierboven). Deze conclusie moet worden geëvalueerd: past de conclusie bij je verwachtingen of bestaande literatuur (meestal beschreven in de inleiding) en kun je dit verklaren? Hiertoe moeten ook de deelconclusies worden geëvalueerd. Het benoemen van verschillen tussen verschillende studies is niet voldoende. Beargumenteer waarom er verschillen zijn en leg uit hoe deze verschillen de resultaten en conclusie beïnvloeden. 

Vragen die kunnen helpen:

  • Wat zijn de verschillen en/of tegenstrijdigheden tussen de onderzoeken die worden beschreven in het middendeel en eerdere bevindingen uit de inleiding? Hoe kunnen deze verschillen worden verklaard? Vaak zijn er inhoudelijke en methodologische verklaringen voor de verschillen.
  • Wat zijn de sterke en zwakke punten van de onderzoeken?
  • Hoe overtuigend zijn de resultaten en waarom?
  • In hoeverre geven de resultaten antwoord op de vraagstelling? Welke kennis ontbreekt nog?
  • Wat betekenen de conclusies voor het probleemgebied dat in de inleiding is besproken?

Na de evaluaties en de terugkoppeling met de eerdere bevindingen volgt een terugkoppeling naar de brede context en maatschappelijke relevantie door de implicaties van de conclusies te beschouwen en suggesties voor vervolgonderzoek (praktisch of theoretisch onderzoek) te doen. De discussie kan worden afgesloten met een terugkoppeling naar het probleemgebied (wat hebben de resultaten betekend) en eventueel een (herhaling van) de samenvattende conclusie(s).

Literatuurlijst

Naar de beschreven literatuur in de inleiding en alle beschreven experimenten moet worden gerefereerd. Als je een evaluatie van onderzoeksresultaten noemt die is beschreven in de literatuur (en dus gemaakt door anderen), dan moet je de bron vermelden. Een eigen evaluatie is ter herkennen omdat deze niet wordt gerefereerd. Het is logischerwijs wel belangrijk te verwijzen naar de onderzoeken die je evalueert. Bij BMW gebruiken we de Vancouver-stijl

Een goede literatuurstudie of review is formeelobjectiefhelder en bondig geformuleerd. Naast de inhoud (of alles correct is) word je ook beoordeeld op schrijftechniek, de structuur en opbouw en leesbaarheid van je verhaal. In de rubric zijn de criteria per onderdeel weergegeven.